HomeOpleidingenBijscholingenNieuws & InspiratieDocentenMediaContact

 

    

  

Aanwijzingen voor het verhaal

    

Met onderstaand verhaal is het de bedoeling dat kinderen de emoties van de koning uitbeelden in hun  houding en mimiek. Voor de verbeelding is het leuk wanneer kinderen hierbij een (zelfgemaakte) kroon  dragen.

  

  

De koning die niet blij was

    

Er was eens een koning die niet blij was.

Wanneer de lakei zijn ontbijt, zijn lunch of zijn avondeten op tafel neerzette, werd de koning altijd verdrietig.

Als de koning in bed lag, kroop hij altijd dicht tegen de koningin aan, omdat hij bang was.

En wanneer de koning op zijn troon zat, om over het land te regeren, werd hij altijd boos.

En begon hij tegen zijn lakeien te schreeuwen.

 

De koningin, die erg leed onder de emoties van de koning.

Wist zich geen raad.

Ze troostte de koning wanneer hij verdrietig was.

Ze vertelde hem verhalen over helden, wanneer hij bang was.

En probeerde hem te sussen wanneer hij op zijn troon zat en schreeuwde.

Maar wat ze ook deed, niks bleek te helpen.

De koning bleef verdrietig, boos en bang en was geen moment blij.

 

Op een dag, gaf de koningin een opdracht aan de trouwste lakei van het paleis.

‘Trouwste lakei', sprak ze, 'Je krijgt 10 hele dagen om de beste narren uit het hele land te vinden'.

 'En om deze bij mij in het paleis te brengen'.

'Op de 13de dag zullen deze narren voor de koning, hun allerleukste kunstjes moeten gaan vertonen'.

'De nar die met zijn kunsten de koning blij maakt, zal voorgoed in ons paleis mogen blijven wonen’.

Toen de koningin uitgesproken was, ging de trouwste lakei op pad.

 

In de tussentijd veranderde er in het paleis niets, als het ging om de emoties/gevoelens van de koning.

Hij bleef boos, wanneer hij op zijn troon zat.

Hij keek nog steeds bang, wanneer hij ‘s avonds dicht tegen de koningin aan lag.

En zelfs wanneer hij zijn lievelingsmaaltje voorgeschoteld kreeg, bleef de koning verdrietig.

 

Eindelijk was het dan zo ver.

De koning zat de 13de dag boos en schreeuwend op zijn troon.

En de koningin zat naast hem.

‘Wat moeten al onze lakeien hier in de grote zaal’, gromde de koning.

De koningin probeerde hem tot kalmte te sussen en wilde het hem gaan uitleggen.

Maar de koning keek zó boos en nors, dat ze de woorden die op haar tong lagen weer inslikte.

‘Kijk maar goed, mannetje van me', zei ze alleen nog maar.

Toen werd het grote licht door de trouwste lakei uitgedaan en ging het toneellicht aan.

 

De ene nar na de andere liet zijn leukste kunsten aan het koningspaar zien.

De koningin werd zó blij van de kunstjes die ze zag, dat ze haast in haar broek plaste van het lachen.

De koning echter, keek boos en schreeuwde dat de narren weg moesten gaan.

Hij was absoluut niet blij. Waar de koningin dan weer verdrietig van werd.

 

Er was nog maar één nar die zijn kunsten te vertonen had.

‘Het narretje’.

Het narretje was nog een kind en had van zijn vader een heleboel leuke kunsten geleerd.

Omdat hij in het gebied waar hij woonde nog maar de enige nar was,

werd hij uitgenodigd om in het paleis zijn leukste kunsten te laten zien.

 

Heel rustig en ook wel een beetje bang voor de koning, liep hij het toneel op.

Toen hij onder het toneellicht stond, hoorde hij de zware ademhaling van de koning.

En hij voelde hoe boos de koning was.

Het narretje wilde weg, maar iets in hem zei dat hij moest blijven.

Alleen wist hij door zijn angst niet meer, hoe hij zijn leukste kunsten tevoorschijn moest halen.

En toen de koning schreeuwde dat ook hij weg moest gaan, voelde het narretje zich verdrietig worden.

 

Ineens wist het narretje wat hem te doen stond;

Hij stapte op de koning af, keek naar diens buik en prikte er met zijn kleine wijsvinger tegenaan.

Hoe harder de koning schreeuwde, hoe harder en sneller het narretje de koning in zijn buik prikte.

Dat gevoel; van boos zijn én een wiebelige buik, verwarde de koning zo erg dat hij er stil van werd.

Echter het narretje had dit niet in de gaten.

De koning keek naar het narretje die door bleef prikken, vervolgens naar zijn wiebelige buik en daarna naar zijn vrouw.

‘Dit heb ik nog nooit meegemaakt!’ riep de koning verbaasd.

Direct begonnen de koningin, de lakeien en alle narren hard te lachen.

En de koning werd daar zó blij van, dat hij het hardst lachte van allemaal!

  

  

Dit verhaal is ontwikkeld door Shelly Roso © (cursiste Arterre)